Vol. 1 · 2026 · Kritisch initiatief

ARTIKEL

Detransitioner aan WPATH: "Hoe lang misbruikt u nog ons geduld?"

Forrest Smith, die na vijf jaar als trans vrouw detransitioneerde, schrijft dat WPATH zich in de FTC-rechtszaak verschuilt achter de bewering dat de eigen Standards of Care 'slechts een mening' zijn — terwijl de organisatie decennialang als wetenschappelijke consensus gold en zelf meebepaalde hoe de DSM-5 genderdysforie definieert.

Een opiniestuk op Genspect van Forrest Smith, die na vijf jaar als trans vrouw in Portland (Oregon) in het najaar van 2020 detransitioneerde, legt de vinger op een ongemakkelijke tegenstelling: in de rechtszaak die de Amerikaanse Federal Trade Commission (FTC) tegen WPATH voert, betoogt de organisatie dat haar eigen Standards of Care beschermd worden door het Eerste Amendement — als een soort mening, niet als bindende wetenschappelijke consensus. Voor Smith is dat standpunt absurd, juist omdat WPATH decennialang garen heeft gesponnen bij het imago van dé gezaghebbende, wetenschappelijk onderbouwde bron voor transgenderzorg.

De 'transitiepijplijn' in cijfers

Smith verwijst naar een recent artikel van Leor Sapir in The Wall Street Journal over een studie naar het aantal transgenderjongeren in de Amerikaanse staat Oregon. Tussen 2016 en 2023 kreeg 1 op de 240 zeventienjarige meisjes kruishormonen voorgeschreven, tegenover 1 op de 630 zeventienjarige jongens. Een systeem van die omvang draait volgens hem niet alleen op kwaadwillenden, maar op een heel leger welmenende vrijwilligers — clinici die volgens Smith oprecht dachten aan de goede kant van de geschiedenis te staan.

Toen zijn eigen zorgverleners hoorden van zijn spijt en zijn detransitie, reageerden sommigen kil en defensief, anderen stonden open voor gesprek, en minstens één was er kapot van. Smith noemt haar zelf ook een slachtoffer: iemand die moreel is beschadigd door advies dat niet deugde. Des te schrijnender vindt hij het dat WPATH nu, in de rechtszaak, precies die clinici — haar eigen 'soldaten' — onder de bus gooit door te stellen dat zij niet verantwoordelijk is voor schade die ontstond doordat artsen haar advies volgden. Daarmee geeft de organisatie in feite toe dat het advies zelf ondeugdelijk was.

Ook de DSM-5 droeg WPATH's handtekening

Smith wijst erop dat de invloed van WPATH verder reikt dan de Standards of Care alleen. De ingrijpende wijzigingen in de DSM-5 (mei 2013) — het vervangen van de diagnose 'Gender Identity Disorder' door 'Gender Dysphoria', het schrappen ervan uit het hoofdstuk seksuele stoornissen, en het laten vervallen van de specificatie naar seksuele oriëntatie — zijn direct te herleiden tot WPATH's lobbywerk bij het officiële DSM-consensusproces. Onderzoekers Knudson e.a. schreven in 2010 zelf al dat WPATH, als erkende autoriteit op het gebied van transgenderzorg, bij uitstek geschikt was om input te leveren op het DSM-5-hoofdstuk over genderidentiteit. De Amerikaanse psychiatrievereniging APA erkende later zelfs dat bezwaren van WPATH-leden mede aanleiding gaven om de voorgestelde term 'Gender Incongruence' te vervangen door 'Gender Dysphoria'.

Diezelfde wijzigingen namen volgens Smith een cruciale rem weg: de psychologische toetsing die wijdverbreide spijt bij een jonge, kwetsbare generatie — opgegroeid met pornografische digitale media — had moeten voorkomen. Zijn vraag is dan ook wrang: zal de APA straks hetzelfde verweer voeren als WPATH nu doet, namelijk dat wie de DSM-5-richtlijnen volgde, beter had moeten weten dan die klakkeloos te vertrouwen?

Gezag lenen, verantwoordelijkheid afwijzen

Ook in de medische praktijk was het gezag van WPATH allesbehalve vrijblijvend, stelt Smith. In een onderzoek uit 2021 naar spijt na gender-bevestigende chirurgie (Narayan e.a.) werden 154 chirurgen benaderd via de deelnemerslijsten van de WPATH- en USPATH-congressen van 2016 en 2017, in een poging om de reikwijdte van de WPATH-richtlijnen uit te breiden naar detransitie. De onderzoekers erkenden zelf dat ze de term 'spijt' bewust niet hadden gedefinieerd, om een zo breed mogelijk scala aan reacties te kunnen registreren — en beperkten hun vragen tot borst- en genitale ingrepen omdat er voor gezichtschirurgie geen WPATH-criteria bestaan. Het gezag van de WPATH-richtlijnen werd daarmee stilzwijgend verondersteld, ook waar het de onderzoeksmethode zelf betrof.

Smiths conclusie is scherp: WPATH verschuilt zich achter woorden omdat de organisatie weet dat ze ongelijk heeft, en grijpt zich intussen vast aan elk gunstig juridisch steekje dat ze kan vinden. Maar de waarheid laat zich volgens hem niet eeuwig ontlopen. Zijn oproep aan WPATH is dan ook simpel: toon eindelijk ruggengraat in plaats van u te verschuilen achter een technisch verweer dat haaks staat op decennia van zelf gecultiveerd gezag.

Edward Jansen

Edward Jansen

Redactie wpath.nl

Veelgestelde vragen

Wie is Forrest Smith?

Forrest Smith leefde vijf jaar als trans vrouw voordat hij in het najaar van 2020 in Portland (Oregon) detransitioneerde. Hij schrijft essays op Substack en werkt aan een memoires-manuscript.

Wat is het verwijt aan WPATH in dit artikel?

Smith verwijt WPATH dat de organisatie zich in de FTC-rechtszaak verschuilt achter de claim dat haar Standards of Care 'slechts een mening' zijn, terwijl WPATH decennialang profiteerde van haar imago als wetenschappelijke autoriteit op het gebied van transgenderzorg.

Welke rol speelde WPATH bij de DSM-5?

Volgens het artikel beïnvloedde WPATH via het officiële consensusproces de wijziging van 'Gender Identity Disorder' naar 'Gender Dysphoria' in de DSM-5 van 2013, mede op basis van bezwaren die de Amerikaanse psychiatrievereniging APA later zelf erkende.