DOSSIER ALTERNATIEF · DESISTANCE
Desistance respecteren
Kinderen die zich tijdens de adolescentie met hun sekse verzoenen — een meerderheid.
Wat desistance is
Desistance is het proces waarin een kind of jongere die op een gegeven moment genderdysforie ervaart, deze gevoelens kwijt raakt of er afstand van neemt. Onderzoek van Steensma, Cohen-Kettenis (Amsterdam UMC), Drummond, Wallien en Zucker laat consistent zien dat 60 tot 80% van prepuberale kinderen met klinisch betekenisvolle dysforie, zonder medische interventie, in de adolescentie comfortabel wordt met de geboorte-sekse.
Wat een hoog desistance-percentage betekent
Als 70% van een populatie zonder behandeling verbetert, betekent dit dat een behandeling alleen verantwoord is als (1) de behandeling werkt voor de persistente 30%, en (2) de behandeling niet schadelijk is voor de 70% die zonder zou desisten. SOC8 voldoet aan geen van beide eisen: effectiviteit voor persisters is zwak onderbouwd, en het maakt vroege medische identificatie waarschijnlijker — wat juist de potentiele desisters blokkeert.
SOC8-reactie op desistance
SOC8 noemt desistance niet centraal, framet het soms als verouderd onderzoeksparadigma, of stelt dat de oudere cohorten andere populaties waren. Deze argumentaties zijn methodologisch zwak: hetzelfde Amsterdam UMC dat SOC8 mede onderbouwt, leverde de desistance-data. SOC8 selecteert citaten ten gunste van persistentie.
Praktische consequentie
Voor jonge kinderen is "wait and see" met emotionele steun, behandeling van angst/depressie, en gezinstherapie de eerste-keuze-aanpak. Sociale transitie en medische interventie blokkeren het natuurlijke desistance-traject. Voor adolescenten met later-onset dysforie zijn cijfers minder duidelijk maar wijzen ook op significante non-persistentie.
Detransitie in volwassenheid
Detransitie na volwassen transitie is een gerelateerd fenomeen. Studies (Vandenbussche 2022, Littman 2021) tonen dat een groeiende groep volwassenen na medische transitie tot het inzicht komt dat de transitie niet de juiste route was. Het Amsterdam-cohort begint nu detransitie-cijfers te leveren die boven de eerdere "<1%"-claims liggen.
Zie ook: watchful waiting, explorerende therapie. Extern: Steensma 2013.